weet je hoe koud je handen zijn,
als je geen houvast meer hebt?
weet je hoe levenloos je dromen zijn,
als je levensdoel zonder vaarwel verdwenen is?
Weet je hoe hopeloos je kan zijn,
als alle geluk aan de verkeerde man gegeven is?
Ijzige leegte,
vol van bijtende koude.
Ijzige leegte,
die je alleen vindt,
in een levende dode.
Gedichten horen niet te rijmen.
De regel die niemand ziet,
de waarheid die niemand weet.
Liefde hoort niet te zwijgen.
Niet in een hart,
niet in een ziel.
En dan ontwaak ik ’s morgens
uit een droom
die waarheid hoort te zijn.
Maar tranen verraden
de nachtmerrie in de schijn.
Een dag meer begint met pijn.
Een dag meer,
waar een stille muur
mijn enige steun kan zijn.
Een droomlandschap van fantasieën.
Een gedroomde realiteit tussen nu en straks.
Overmorgen is een voorwaardelijke voorstelling,
door leven en liefde.
Gisteren is het resultaat van haar en mij.
En dan, geeft haar stem weer kleur aan tijd.
Ik kom terug.
Verloren in haar ogen.
Niet op zoek naar een uitweg.
Pure zaligheid.
In deze lach zoek ik geen uitleg.
Kijk in mijn ogen, en zie wat ik denk.
Voel mijn hart, en versta wat me krenkt.
Hoor de pijn die mijn liefde herbergt.
En onthou de beelden die mijn stem verft.
Net een schilderij, van emotie, gevoel,
taal en woord.
Het laatste meesterwerk
voordat
de dichter wordt vermoord.
Ik teken mijn schaduw rond je heen
Je geniet van het zwarte kleed maar voelt je alleen
je weet dat ik er sta, en nooit zonder je verder ga
Je buigt je ogen, en een verborgen gezichtje geniet vluchtig na
Je kijkt op en ziet hoe mijn schaduw ondergaat
Je ogen tranen, stem schreeuwt zo hard het gaat
Deze val eindigt [...]
Ik voel het,
Ik zie het in de lucht hangen.
Gevoel gebruikt mijn handschrift
en voor mijn ogen verschijnt waarheid.
Ik vrees het,
want ik weet het.
Ik twijfel maar
ik weet het.
Ik weet het,
ik voel het.
En dan…
Ik vrees niets.
Ik ben niet bang.
Mij houd niets tegen.
Maar je gelooft nooit
wat een enkele traan kan.
Want ik tril
Ik beef
ik
breek
door de kalmte
en gelatenheid heen
De dag is [...]
’s Nachts rust de vloek
in de koude van de schaduw.
Telkens de gestalte zwart
tegen de zon in gaat
komt hij om zijn macht te tonen.
Onaandachtig wordt hij genegeerd
en laat zich afschudden
van een sterke onbekende
Maar ongekend is ook de kunst
van de vloek
die heerst
waar onrecht geen regels kent
en pijn zonder grenzen
maar vol verwoesting rent
’s Nachts is de rust
voor de [...]
Afwezige ogen
staren uit de trein,
Vragen zich af
wat er in de rest
van de wereld
gaande zou zijn.
Een oude man
licht lompig in het station.
Marmeren koude houdt hem
uit zijn slaap.
Hij staat op
wilt ergens naartoe gaan.
Reizende mensen
kijken hem aan,
maar niemand
heeft tijd
voor zijn naam.
Op een kruispunt
fietst een kind,
rijdt een auto
waarin een man
zijn telefoon
niet meer vindt.
Eindelijk gevonden,
heeft hij het kind
de tijd in
gezonden.
Wat [...]
mijn stem wekt pijn in de lucht,
decoreert tranen bij je zucht
ik herriner je genadeloos aan je fouten
waarvan je vlucht
elk nacht, in elke droom
een vergeten gestalte
ik kom terug
zonder haat
zonder geluk
ik ben in je leegte onthouden,
en maak je terugweg
langzaam maar zeker
stuk
Ik zit in een kamer
en verbeeld me je gezicht
als je er niet meer bent.
Ik verbeeld me het moment
waarop je lichaam leven ontkent.
Ik herrinner me je kussen…
en die mooie tijden daartussen…
Ik voel je handen weer tegen mijn gezicht,
en je blozen als ik zeg dat ik je mis.
Je ogen kijken me dromend aan,
en als ik je wil [...]